De beleidsregels worden jaarlijks geactualiseerd en betreffen niet alleen het beleid van het Centraal Fonds inzake het financieel toezicht, de sanerings- en projectsteun, de bijdrageheffing en sancties, maar ook de uitwerking van de adviestaken. Het Fonds heeft adviestaken op het gebied van rechtmatigheid, toelating, statutenwijzigingen, fusies, ministeriële aanwijzingen, nevenactiviteiten, verkoop van woongelegenheden en investeringen in het buitenland door corporaties.
De voornaamste punten uit de Beleidsregels 2010 zijn:
Nader onderscheid in A-oordeel
In de methodiek financiële beoordeling wordt vanaf 2010 in de kwalificatie ten aanzien van het continuïteitsoordeel een nader onderscheid aangebracht. Binnen het A-oordeel wordt onderscheid gemaakt tussen een A1- en een A2-oordeel. Dit nader onderscheid binnen de A-kwalificatie behelst enerzijds corporaties waarvan de voorgenomen activiteiten over de gehele vijfjaarsprognoseperiode als passend worden beoordeeld bij de vermogenspositie (A1-oordeel) en anderzijds corporaties waarvan de voorgenomen activiteiten in de eerste drie prognosejaren als passend bij de vermogenspositie wordt beoordeeld, maar dat in de laatste twee jaar de financiële positie in gevaar kan komen (A2- oordeel).
Geen continuïteitsoordeel bij ernstig tekortschieten gegevensaanlevering
Uitdrukkelijk is in de Beleidsregels 2010 aangegeven dat het Fonds kan besluiten géén oordeel op te maken, indien de kwaliteit van de aangeleverde gegevens ernstig tekort schiet of zeer onvolledig is. Een continuïteitsoordeel kan achterwege blijven als de prognosegegevens stelselmatig onvoldoende aansluiten bij de realisatiecijfers. Indien het Fonds, na een zorgvuldige procedure, tot de conclusie moet komen dat het onmogelijk is een inhoudelijk oordeel te vellen, zal dit in de oordeelsbrief van de minister worden opgenomen.
Bekendmaking normering in de methodiek financiële beoordeling op website
Het Centraal Fonds publiceert de normen die bij de beoordelingsmethodiek 2010 worden gebruikt in februari 2010 op de website. Deze publicatie vormt een onlosmakelijk onderdeel van de Beleidsregels 2010. Deze werkwijze is gekozen omdat niet alle normen op moment van publicatie van de Beleidsregels 2010 bekend zijn. Realisatiecijfers over het jaar 2009 komen bijvoorbeeld pas in januari 2010 beschikbaar van de betreffende instituten, zoals het CBS. Daarnaast leent de website zich beter voor tamelijk gedetailleerde overzichten met betrekking tot te hanteren normen. Op de website wordt tevens aangegeven welke bron voor een norm wordt gebruikt.
Bijdrageheffing saneringssteun
In de Beleidsregels 2010 is opgenomen dat in 2010 een bijdrageheffing saneringssteun kan plaatsvinden. Deze heffing wordt vooralsnog nodig geoordeeld, omdat wordt voorzien dat in 2010 een sterk beroep zal worden gedaan op het saneringsfonds, zodanig dat de huidige omvang ontoereikend is. Dit voornemen is ook opgenomen in de - door de minister voor WWI goedgekeurde - begroting van het Fonds voor 2010. Indien definitief wordt besloten dat heffing noodzakelijk is, zullen alle corporaties hiervan vóór de zomer 2010 op de hoogte worden gesteld.
Bijdrageheffing bijzondere projectsteun
In 2010 zal wederom een heffing voor bijzondere projectsteun voor de wijkenaanpak plaatsvinden. Het bedrag per woning en het tarief per € 1.000,- WOZ-waarde, kunnen nu nog niet definitief worden bepaald aangezien deze gebaseerd zijn op de gegevens die de corporaties aanleveren per 1 juli 2010. Deze waarden zijn dan ook niet opgenomen in de beleidsregels 2010.
Het bestuur is zich bewust van de lopende politieke discussie over de wenselijkheid van een andere grondslag voor de berekening van de heffing, alsook over de mogelijkheid van een sectoralternatief voor de bijdrageheffing bijzondere projectsteun. Vooralsnog kan het Fonds niet anders dan uitgaan van de voortzetting van het huidige beleid ter zake.





Rapporten, onderzoeken en artikelen
Informatie per woningcorporatie
Wet- en regelgeving over de corporatiesector